🇳🇱

bijten auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ⚡ unregelmäßig

bijten bedeutet „to bite" und ist ein unregelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

🎯 „bijten" jetzt im Quiz üben — kostenlos →

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikbijt
jijbijt
hij / zijbijt
wijbijten
julliebijten
zijbijten

Verleden tijd

ikbeet
jijbeet
hij / zijbeet
wijbeten
julliebeten
zijbeten

Toekomende tijd

ikzal bijten
jijzult bijten
hij / zijzal bijten
wijzullen bijten
julliezullen bijten
zijzullen bijten
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikbijt
jijbijt
hij / zijbijt
wijbijten
julliebijten
zijbijten

Verleden tijd

ikbeet
jijbeet
hij / zijbeet
wijbeten
julliebeten
zijbeten

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb gebeten
jijhebt gebeten
hij / zijheeft gebeten
wijhebben gebeten
julliehebben gebeten
zijhebben gebeten

Voltooid verleden tijd

ikhad gebeten
jijhad gebeten
hij / zijhad gebeten
wijhadden gebeten
julliehadden gebeten
zijhadden gebeten

Toekomende tijd

ikzal bijten
jijzult bijten
hij / zijzal bijten
wijzullen bijten
julliezullen bijten
zijzullen bijten

Aanvoegende wijs

ikbijte
jijbijte
hij / zijbijte
wijbijten
julliebijten
zijbijten

Voorwaardelijke wijs

ikzou bijten
jijzou bijten
hij / zijzou bijten
wijzouden bijten
julliezouden bijten
zijzouden bijten

Gebiedende wijs

ik
jijbijt
hij / zijbijt
wijlaten we bijten
julliebijt
zijbijt u

Onvoltooid deelwoord

ikbijtend
jijbijtend
hij / zijbijtend
wijbijtend
julliebijtend
zijbijtend

Beispielsätze mit „bijten"

Tegenwoordige tijd
  • De hond bijt in de bal.Der Hund beißt in den Ball.
  • Zij bijt altijd op haar lip.Sie beißt immer auf ihre Lippe.
Verleden tijd
  • Hij beet de appel door.Er biss in den Apfel.
  • Wij bijten vroeger in ons eten.Wir bissen früher in unser Essen.
Toekomende tijd
  • Ik zal de koekjes bijten.Ich werde die Kekse beißen.
  • Zij zal niet bijten in de discussie.Sie wird nicht in die Diskussion beißen.

Geschichte mit „bijten"

Op een zonnige ochtend zat Anna op het terras met een warme croissant. Terwijl ze een hap nam, bijt de scherpe geur van verse koffie haar neus binnen. Plotseling kwam haar hond Max, die altijd hongerig was, naast haar zitten en begon te kwijlen. Ze grinnikte en gaf hem een klein stukje croissant; hij bijt het stuk met plezier op. Anna dacht terug aan de tijd dat hij nog een pup was en altijd in haar schoenen bijt. Nu was hij groot en trouw, maar zijn liefde voor eten was nooit veranderd.
An einem sonnigen Morgen saß Anna auf der Terrasse mit einem warmen Croissant. Als sie einen Biss nahm, biss der scharfe Geruch von frischem Kaffee in ihre Nase. Plötzlich kam ihr Hund Max, der immer hungrig war, neben ihr sitzen und begann zu sabbern. Sie kicherte und gab ihm ein kleines Stück Croissant; er biss das Stück mit Freude auf. Anna dachte an die Zeit zurück, als er noch ein Welpe war und immer in ihren Schuhen biss. Jetzt war er groß und treu, aber seine Liebe zum Essen hatte sich nie geändert.

„bijten" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig