🇳🇱

leven auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ✓ regelmäßig

leven bedeutet „to live to exist" und ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

„leven" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb (Bedeutung: „to live to exist"). Präsens: hij / zij leeft. Verleden tijd: hij / zij leefde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geleefd. Alle Formen von „leven" online konjugieren und üben auf conjuexpert.app.

★ Mini-Quiz · ein Stück echte App
Sitzt leven schon?
Tippe die richtige Form — du bekommst sofort Feedback, genau wie in der App.

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikleef
jijleeft
hij / zijleeft
wijleven
jullieleven
zijleven

Verleden tijd

ikleefde
jijleefde
hij / zijleefde
wijleefden
jullieleefden
zijleefden

Toekomende tijd

ikzal leven
jijzult leven
hij / zijzal leven
wijzullen leven
julliezullen leven
zijzullen leven
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikleef
jijleeft
hij / zijleeft
wijleven
jullieleven
zijleven

Verleden tijd

ikleefde
jijleefde
hij / zijleefde
wijleefden
jullieleefden
zijleefden

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb geleefd
jijhebt geleefd
hij / zijheeft geleefd
wijhebben geleefd
julliehebben geleefd
zijhebben geleefd

Voltooid verleden tijd

ikhad geleefd
jijhad geleefd
hij / zijhad geleefd
wijhadden geleefd
julliehadden geleefd
zijhadden geleefd

Toekomende tijd

ikzal leven
jijzult leven
hij / zijzal leven
wijzullen leven
julliezullen leven
zijzullen leven

Aanvoegende wijs

ikleefe
jijleefe
hij / zijleefe
wijleven
jullieleven
zijleven

Voorwaardelijke wijs

ikzou leven
jijzou leven
hij / zijzou leven
wijzouden leven
julliezouden leven
zijzouden leven

Gebiedende wijs

ik
jijleef
hij / zijleef
wijlaten we leven
jullieleeft
zijleeft u

Onvoltooid deelwoord

iklevend
jijlevend
hij / zijlevend
wijlevend
jullielevend
zijlevend

Beispielsätze mit „leven"

Tegenwoordige tijd
  • Ik leef in een klein huis.Ich lebe in einem kleinen Haus.
  • Zij leeft gelukkig in de stad.Sie lebt glücklich in der Stadt.
Verleden tijd
  • Hij leefde lang in Nederland.Er lebte lange in den Niederlanden.
  • Wij leefden samen in dat dorp.Wir lebten zusammen in diesem Dorf.
Toekomende tijd
  • Ik zal in vrede leven.Ich werde in Frieden leben.
  • Zij zal gelukkig leven.Sie wird glücklich leben.

Geschichte mit „leven"

In het kleine dorpje leefde een oude vrouw die haar hele leven alleen had geleefd. Elke ochtend keek ze uit het raam en dacht na over hoe mensen leven en wat het betekent om werkelijk te leven. Soms voelde ze zich alsof ze slechts bestond, niet echt leefde, maar op andere momenten voelde ze de zon op haar gezicht en leefde ze intens. Ze wist dat het leven niet altijd makkelijk is, maar ze wilde elke dag leven met hoop. Ondanks haar eenzaamheid, leefde ze met een glimlach, omdat ze geloofde dat ieder moment telt.
In dem kleinen Dorf lebte eine alte Frau, die ihr ganzes Leben allein gelebt hatte. Jeden Morgen blickte sie aus dem Fenster und dachte darüber nach, wie Menschen leben und was es bedeutet, wirklich zu leben. Manchmal fühlte sie sich, als ob sie nur existierte, nicht wirklich lebte, aber in anderen Momenten spürte sie die Sonne auf ihrem Gesicht und lebte intensiv. Sie wusste, dass das Leben nicht immer leicht ist, aber sie wollte jeden Tag mit Hoffnung leben. Trotz ihrer Einsamkeit lebte sie mit einem Lächeln, weil sie glaubte, dass jeder Moment zählt.

Häufige Fragen zu „leven"

Ist „leven" ein regelmäßiges oder unregelmäßiges Verb?

„leven" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb und bedeutet „to live to exist".

Wie wird „leven" in der 3. Person Singular konjugiert?

Im Präsens: hij / zij leeft.

Wie lautet die Vergangenheitsform von „leven"?

Verleden tijd: hij / zij leefde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geleefd.

Wird „leven" mit „hebben" oder „zijn" gebildet?

Das Perfekt von „leven" wird mit „hebben" gebildet: hij / zij heeft geleefd.

Wo kann ich „leven" üben?

Du kannst „leven" kostenlos im ConjuExpert-Quiz üben — mit allen Zeitformen, in fünf Sprachen, ohne Anmeldung.

„leven" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig