🇳🇱

ontspannen auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ✓ regelmäßig

ontspannen bedeutet „entspannen" und ist ein regelmäßiges niederländisches Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

„ontspannen" ist ein regelmäßiges niederländisches Verb (Bedeutung: „entspannen"). Präsens: hij / zij ontspant. Verleden tijd: hij / zij ontspande. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft ontspand. Alle Formen von „ontspannen" online konjugieren und üben auf conjuexpert.app.

★ Mini-Quiz · ein Stück echte App
Sitzt ontspannen schon?
Tippe die richtige Form — du bekommst sofort Feedback, genau wie in der App.

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikontspan
jijontspant
hij / zijontspant
wijontspannen
jullieontspannen
zijontspannen

Verleden tijd

ikontspande
jijontspande
hij / zijontspande
wijontspanden
jullieontspanden
zijontspanden

Toekomende tijd

ikzal ontspannen
jijzult ontspannen
hij / zijzal ontspannen
wijzullen ontspannen
julliezullen ontspannen
zijzullen ontspannen
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikontspan
jijontspant
hij / zijontspant
wijontspannen
jullieontspannen
zijontspannen

Verleden tijd

ikontspande
jijontspande
hij / zijontspande
wijontspanden
jullieontspanden
zijontspanden

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb ontspand
jijhebt ontspand
hij / zijheeft ontspand
wijhebben ontspand
julliehebben ontspand
zijhebben ontspand

Voltooid verleden tijd

ikhad ontspand
jijhad ontspand
hij / zijhad ontspand
wijhadden ontspand
julliehadden ontspand
zijhadden ontspand

Toekomende tijd

ikzal ontspannen
jijzult ontspannen
hij / zijzal ontspannen
wijzullen ontspannen
julliezullen ontspannen
zijzullen ontspannen

Aanvoegende wijs

ikontspanne
jijontspanne
hij / zijontspanne
wijontspannen
jullieontspannen
zijontspannen

Voorwaardelijke wijs

ikzou ontspannen
jijzou ontspannen
hij / zijzou ontspannen
wijzouden ontspannen
julliezouden ontspannen
zijzouden ontspannen

Gebiedende wijs

ik
jijontspan
hij / zij
wijlaten we ontspannen
jullieontspan
zijontspant u

Onvoltooid deelwoord

ikontspannend
jijontspannend
hij / zijontspannend
wijontspannend
jullieontspannend
zijontspannend

Beispielsätze mit „ontspannen"

Tegenwoordige tijd
  • Ik ontspan elke avond na het werk.Ich entspanne mich jeden Abend nach der Arbeit.
  • Zij ontspant in het park.Sie entspannt sich im Park.
Verleden tijd
  • Gisteren ontspande ik met een boek.Gestern habe ich mich mit einem Buch entspannt.
  • We ontspanden na een lange dag.Wir entspannten uns nach einem langen Tag.
Toekomende tijd
  • Ik zal morgen ontspannen aan het strand.Ich werde mich morgen am Strand entspannen.
  • Zij zal in het weekend ontspannen.Sie wird sich am Wochenende entspannen.

Geschichte mit „ontspannen"

Na een lange werkdag ga ik altijd naar het park om te ontspannen. Terwijl ik op een bankje zit, probeer ik mijn gedachten te kalmeren en echt te ontspannen. Gisteren ontspande ik me door naar de vogels te luisteren en diep adem te halen. Soms vergeet ik hoe belangrijk het is om even te ontspannen, maar vandaag nam ik bewust die tijd voor mezelf. Ontspannen helpt me om de stress van de dag achter me te laten en met nieuwe energie verder te gaan.
Nach einem langen Arbeitstag gehe ich immer in den Park, um mich zu entspannen. Während ich auf einer Bank sitze, versuche ich, meine Gedanken zu beruhigen und mich wirklich zu entspannen. Gestern entspannte ich mich, indem ich den Vögeln zuhörte und tief durchatmete. Manchmal vergesse ich, wie wichtig es ist, sich kurz zu entspannen, aber heute nahm ich mir bewusst diese Zeit für mich. Entspannen hilft mir, den Stress des Tages hinter mir zu lassen und mit neuer Energie weiterzumachen.

Häufige Fragen zu „ontspannen"

Ist „ontspannen" ein regelmäßiges oder unregelmäßiges Verb?

„ontspannen" ist ein regelmäßiges niederländisches Verb und bedeutet „entspannen".

Wie wird „ontspannen" in der 3. Person Singular konjugiert?

Im Präsens: hij / zij ontspant.

Wie lautet die Vergangenheitsform von „ontspannen"?

Verleden tijd: hij / zij ontspande. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft ontspand.

Wird „ontspannen" mit „hebben" oder „zijn" gebildet?

Das Perfekt von „ontspannen" wird mit „hebben" gebildet: hij / zij heeft ontspand.

Wo kann ich „ontspannen" üben?

Du kannst „ontspannen" kostenlos im ConjuExpert-Quiz üben — mit allen Zeitformen, in fünf Sprachen, ohne Anmeldung.

„ontspannen" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig