antwoorden auf Niederländisch konjugieren
antwoorden bedeutet „to answer to reply" und ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.
„antwoorden" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb (Bedeutung: „to answer to reply"). Präsens: hij / zij antwoordt. Verleden tijd: hij / zij antwoordde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geantwoord. Alle Formen von „antwoorden" online konjugieren und üben auf conjuexpert.app.
Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen
Tegenwoordige tijd
| ik | antwoord |
| jij | antwoordt |
| hij / zij | antwoordt |
| wij | antwoorden |
| jullie | antwoorden |
| zij | antwoorden |
Verleden tijd
| ik | antwoordde |
| jij | antwoordde |
| hij / zij | antwoordde |
| wij | antwoordden |
| jullie | antwoordden |
| zij | antwoordden |
Toekomende tijd
| ik | zal antwoorden |
| jij | zult antwoorden |
| hij / zij | zal antwoorden |
| wij | zullen antwoorden |
| jullie | zullen antwoorden |
| zij | zullen antwoorden |
Alle 9 Zeitformen anzeigen
Tegenwoordige tijd
| ik | antwoord |
| jij | antwoordt |
| hij / zij | antwoordt |
| wij | antwoorden |
| jullie | antwoorden |
| zij | antwoorden |
Verleden tijd
| ik | antwoordde |
| jij | antwoordde |
| hij / zij | antwoordde |
| wij | antwoordden |
| jullie | antwoordden |
| zij | antwoordden |
Voltooid tegenwoordige tijd
| ik | heb geantwoord |
| jij | hebt geantwoord |
| hij / zij | heeft geantwoord |
| wij | hebben geantwoord |
| jullie | hebben geantwoord |
| zij | hebben geantwoord |
Voltooid verleden tijd
| ik | had geantwoord |
| jij | had geantwoord |
| hij / zij | had geantwoord |
| wij | hadden geantwoord |
| jullie | hadden geantwoord |
| zij | hadden geantwoord |
Toekomende tijd
| ik | zal antwoorden |
| jij | zult antwoorden |
| hij / zij | zal antwoorden |
| wij | zullen antwoorden |
| jullie | zullen antwoorden |
| zij | zullen antwoorden |
Aanvoegende wijs
| ik | antwoorde |
| jij | antwoorde |
| hij / zij | antwoorde |
| wij | antwoorden |
| jullie | antwoorden |
| zij | antwoorden |
Voorwaardelijke wijs
| ik | zou antwoorden |
| jij | zou antwoorden |
| hij / zij | zou antwoorden |
| wij | zouden antwoorden |
| jullie | zouden antwoorden |
| zij | zouden antwoorden |
Gebiedende wijs
| ik | — |
| jij | antwoord |
| hij / zij | antwoord |
| wij | laten we antwoorden |
| jullie | antwoordt |
| zij | antwoordt u |
Onvoltooid deelwoord
| ik | antwoordend |
| jij | antwoordend |
| hij / zij | antwoordend |
| wij | antwoordend |
| jullie | antwoordend |
| zij | antwoordend |
Beispielsätze mit „antwoorden"
- Ik antwoord altijd snel op e-mails.Ich antworte immer schnell auf E-Mails.
- Jij antwoordt duidelijk tijdens het gesprek.Du antwortest klar während des Gesprächs.
- Zij antwoordde niet op mijn bericht.Sie antwortete nicht auf meine Nachricht.
- Wij antwoordden samen op de vraag.Wir antworteten gemeinsam auf die Frage.
- Ik zal je morgen antwoorden.Ich werde dir morgen antworten.
- Hij zal snel op de telefoon antwoorden.Er wird schnell ans Telefon antworten.
Geschichte mit „antwoorden"
Häufige Fragen zu „antwoorden"
Ist „antwoorden" ein regelmäßiges oder unregelmäßiges Verb?
„antwoorden" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb und bedeutet „to answer to reply".
Wie wird „antwoorden" in der 3. Person Singular konjugiert?
Im Präsens: hij / zij antwoordt.
Wie lautet die Vergangenheitsform von „antwoorden"?
Verleden tijd: hij / zij antwoordde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geantwoord.
Wird „antwoorden" mit „hebben" oder „zijn" gebildet?
Das Perfekt von „antwoorden" wird mit „hebben" gebildet: hij / zij heeft geantwoord.
Wo kann ich „antwoorden" üben?
Du kannst „antwoorden" kostenlos im ConjuExpert-Quiz üben — mit allen Zeitformen, in fünf Sprachen, ohne Anmeldung.
„antwoorden" direkt im Quiz üben
Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten
ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig