🇳🇱

komen auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ⚡ unregelmäßig

komen bedeutet „to come" und ist ein unregelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

🎯 „komen" jetzt im Quiz üben — kostenlos →

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikkom
jijkomt
hij / zijkomt
wijkomen
julliekomen
zijkomen

Verleden tijd

ikkwam
jijkwam
hij / zijkwam
wijkwamen
julliekwamen
zijkwamen

Toekomende tijd

ikzal komen
jijzult komen
hij / zijzal komen
wijzullen komen
julliezullen komen
zijzullen komen
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikkom
jijkomt
hij / zijkomt
wijkomen
julliekomen
zijkomen

Verleden tijd

ikkwam
jijkwam
hij / zijkwam
wijkwamen
julliekwamen
zijkwamen

Voltooid tegenwoordige tijd

ikben gekomen
jijbent gekomen
hij / zijis gekomen
wijzijn gekomen
julliezijn gekomen
zijzijn gekomen

Voltooid verleden tijd

ikwas gekomen
jijwas gekomen
hij / zijwas gekomen
wijwaren gekomen
julliewaren gekomen
zijwaren gekomen

Toekomende tijd

ikzal komen
jijzult komen
hij / zijzal komen
wijzullen komen
julliezullen komen
zijzullen komen

Aanvoegende wijs

ikkoome
jijkoome
hij / zijkoome
wijkomen
julliekomen
zijkomen

Voorwaardelijke wijs

ikzou komen
jijzou komen
hij / zijzou komen
wijzouden komen
julliezouden komen
zijzouden komen

Gebiedende wijs

ik
jijkom
hij / zijkom
wijlaten we komen
julliekomen
zijkom u

Onvoltooid deelwoord

ikkomend
jijkomend
hij / zijkomend
wijkomend
julliekomend
zijkomend

Beispielsätze mit „komen"

Tegenwoordige tijd
  • Ik kom naar het feest.Ich komme zur Feier.
  • Jij komt morgen langs.Du kommst morgen vorbei.
Verleden tijd
  • Hij kwam gisteren niet.Er kam gestern nicht.
  • Wij kwamen te laat aan.Wir kamen zu spät an.
Toekomende tijd
  • Zij zullen komen naar de bijeenkomst.Sie werden zur Versammlung kommen.
  • Wij gaan morgen komen.Wir werden morgen kommen.

Geschichte mit „komen"

Op een donkere avond kwam Anna thuis van haar werk. Ze had een lange dag gehad en kon niet wachten om te ontspannen. Terwijl ze de deur opende, kwam de geur van versgebakken koekjes haar tegemoet. Haar zoon kwam vrolijk naar haar toe rennen, blij dat ze weer thuis was. "Mama, ik heb een verrassing voor je!" riep hij. Ze glimlachte en wist dat, hoe moe ze ook was, deze momenten altijd kwamen als een zonnestraal in haar leven.
An einem dunklen Abend kam Anna von der Arbeit nach Hause. Sie hatte einen langen Tag gehabt und konnte es kaum erwarten, sich zu entspannen. Als sie die Tür öffnete, kam ihr der Duft von frisch gebackenem Gebäck entgegen. Ihr Sohn kam fröhlich auf sie zugerannt, froh, dass sie wieder zu Hause war. "Mama, ich habe eine Überraschung für dich!" rief er. Sie lächelte und wusste, dass, egal wie müde sie war, diese Momente immer wie ein Sonnenstrahl in ihrem Leben kamen.

„komen" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig