🇳🇱

noemen auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ✓ regelmäßig

noemen bedeutet „to name to call" und ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

„noemen" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb (Bedeutung: „to name to call"). Präsens: hij / zij noemt. Verleden tijd: hij / zij noemde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft genoemd. Alle Formen von „noemen" online konjugieren und üben auf conjuexpert.app.

★ Mini-Quiz · ein Stück echte App
Sitzt noemen schon?
Tippe die richtige Form — du bekommst sofort Feedback, genau wie in der App.

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

iknoem
jijnoemt
hij / zijnoemt
wijnoemen
jullienoemen
zijnoemen

Verleden tijd

iknoemde
jijnoemde
hij / zijnoemde
wijnoemden
jullienoemden
zijnoemden

Toekomende tijd

ikzal noemen
jijzult noemen
hij / zijzal noemen
wijzullen noemen
julliezullen noemen
zijzullen noemen
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

iknoem
jijnoemt
hij / zijnoemt
wijnoemen
jullienoemen
zijnoemen

Verleden tijd

iknoemde
jijnoemde
hij / zijnoemde
wijnoemden
jullienoemden
zijnoemden

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb genoemd
jijhebt genoemd
hij / zijheeft genoemd
wijhebben genoemd
julliehebben genoemd
zijhebben genoemd

Voltooid verleden tijd

ikhad genoemd
jijhad genoemd
hij / zijhad genoemd
wijhadden genoemd
julliehadden genoemd
zijhadden genoemd

Toekomende tijd

ikzal noemen
jijzult noemen
hij / zijzal noemen
wijzullen noemen
julliezullen noemen
zijzullen noemen

Aanvoegende wijs

iknoeme
jijnoeme
hij / zijnoeme
wijnoemen
jullienoemen
zijnoemen

Voorwaardelijke wijs

ikzou noemen
jijzou noemen
hij / zijzou noemen
wijzouden noemen
julliezouden noemen
zijzouden noemen

Gebiedende wijs

ik
jijnoem
hij / zijnoem
wijlaten we noemen
jullienoemt
zijnoemt u

Onvoltooid deelwoord

iknoemend
jijnoemend
hij / zijnoemend
wijnoemend
jullienoemend
zijnoemend

Beispielsätze mit „noemen"

Tegenwoordige tijd
  • Ik noem mijn kat Felix.Ich nenne meine Katze Felix.
  • We noemen hem altijd Jan.Wir nennen ihn immer Jan.
Verleden tijd
  • Zij noemde haar hond Max.Sie nannte ihren Hund Max.
  • Hij noemde de stad mooi.Er nannte die Stadt schön.
Toekomende tijd
  • Ik zal mijn kind Anna noemen.Ich werde mein Kind Anna nennen.
  • We zullen het huis De Zonne noemen.Wir werden das Haus De Zonne nennen.

Geschichte mit „noemen"

Elke avond noem ik mijn kat Luna, omdat ze zo helder straalt als de maan. Gisteren noemde ik haar per ongeluk Simba, omdat ik aan mijn favoriete film dacht. Toen ik haar riep, draaide ze zich om en keek me verbaasd aan. Mijn zus noemde haar vroeger altijd 'Muis', wat ze totaal niet vond passen. Morgen zal ik haar weer Luna noemen, want dat is de naam die het beste bij haar past.
Jeden Abend nenne ich meine Katze Luna, weil sie so hell wie der Mond scheint. Gestern nannte ich sie versehentlich Simba, weil ich an meinen Lieblingsfilm dachte. Als ich sie rief, drehte sie sich um und sah mich überrascht an. Meine Schwester nannte sie früher immer 'Maus', was ihr überhaupt nicht gefiel. Morgen werde ich sie wieder Luna nennen, denn das ist der Name, der am besten zu ihr passt.

Häufige Fragen zu „noemen"

Ist „noemen" ein regelmäßiges oder unregelmäßiges Verb?

„noemen" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb und bedeutet „to name to call".

Wie wird „noemen" in der 3. Person Singular konjugiert?

Im Präsens: hij / zij noemt.

Wie lautet die Vergangenheitsform von „noemen"?

Verleden tijd: hij / zij noemde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft genoemd.

Wird „noemen" mit „hebben" oder „zijn" gebildet?

Das Perfekt von „noemen" wird mit „hebben" gebildet: hij / zij heeft genoemd.

Wo kann ich „noemen" üben?

Du kannst „noemen" kostenlos im ConjuExpert-Quiz üben — mit allen Zeitformen, in fünf Sprachen, ohne Anmeldung.

„noemen" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig