🇳🇱

verbeteren auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ✓ regelmäßig

verbeteren bedeutet „to improve to correct" und ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

„verbeteren" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb (Bedeutung: „to improve to correct"). Präsens: hij / zij verbeteert. Verleden tijd: hij / zij verbeteerde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geverbeteerd. Alle Formen von „verbeteren" online konjugieren und üben auf conjuexpert.app.

★ Mini-Quiz · ein Stück echte App
Sitzt verbeteren schon?
Tippe die richtige Form — du bekommst sofort Feedback, genau wie in der App.

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikverbeteer
jijverbeteert
hij / zijverbeteert
wijverbeteren
jullieverbeteren
zijverbeteren

Verleden tijd

ikverbeteerde
jijverbeteerde
hij / zijverbeteerde
wijverbeteerden
jullieverbeteerden
zijverbeteerden

Toekomende tijd

ikzal verbeteren
jijzult verbeteren
hij / zijzal verbeteren
wijzullen verbeteren
julliezullen verbeteren
zijzullen verbeteren
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikverbeteer
jijverbeteert
hij / zijverbeteert
wijverbeteren
jullieverbeteren
zijverbeteren

Verleden tijd

ikverbeteerde
jijverbeteerde
hij / zijverbeteerde
wijverbeteerden
jullieverbeteerden
zijverbeteerden

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb geverbeteerd
jijhebt geverbeteerd
hij / zijheeft geverbeteerd
wijhebben geverbeteerd
julliehebben geverbeteerd
zijhebben geverbeteerd

Voltooid verleden tijd

ikhad geverbeteerd
jijhad geverbeteerd
hij / zijhad geverbeteerd
wijhadden geverbeteerd
julliehadden geverbeteerd
zijhadden geverbeteerd

Toekomende tijd

ikzal verbeteren
jijzult verbeteren
hij / zijzal verbeteren
wijzullen verbeteren
julliezullen verbeteren
zijzullen verbeteren

Aanvoegende wijs

ikverbeteere
jijverbeteere
hij / zijverbeteere
wijverbeteren
jullieverbeteren
zijverbeteren

Voorwaardelijke wijs

ikzou verbeteren
jijzou verbeteren
hij / zijzou verbeteren
wijzouden verbeteren
julliezouden verbeteren
zijzouden verbeteren

Gebiedende wijs

ik
jijverbeteer
hij / zijverbeteer
wijlaten we verbeteren
jullieverbeteert
zijverbeteert u

Onvoltooid deelwoord

ikverbeterend
jijverbeterend
hij / zijverbeterend
wijverbeterend
jullieverbeterend
zijverbeterend

Beispielsätze mit „verbeteren"

Tegenwoordige tijd
  • Ik verbeter mijn fouten elke dag.Ich verbessere meine Fehler jeden Tag.
  • Zij verbeteren de tekst samen.Sie verbessern den Text zusammen.
Verleden tijd
  • Hij verbeterde zijn prestaties vorig jaar.Er verbesserte seine Leistungen letztes Jahr.
  • Wij verbeterden het rapport gisteren.Wir verbesserten den Bericht gestern.
Toekomende tijd
  • Ik zal mijn Nederlands verbeteren.Ich werde mein Niederländisch verbessern.
  • Zij zullen de plannen verbeteren morgen.Sie werden die Pläne morgen verbessern.

Geschichte mit „verbeteren"

Elke ochtend probeer ik mijn Nederlands te verbeteren door een artikel te lezen. Gisteren heb ik mijn uitspraak verbeterd door hardop te oefenen. Mijn leraar zei dat ik mijn grammatica kon verbeteren als ik meer oefen. Vandaag zal ik mijn schrijfvaardigheid verbeteren met een korte tekst. Vorige week heb ik al veel fouten verbeterd, maar ik weet dat ik nog steeds kan verbeteren. Zo blijf ik stap voor stap beter worden.
Jeden Morgen versuche ich, mein Niederländisch zu verbessern, indem ich einen Artikel lese. Gestern habe ich meine Aussprache verbessert, indem ich laut geübt habe. Mein Lehrer sagte, ich könnte meine Grammatik verbessern, wenn ich mehr übe. Heute werde ich meine Schreibfähigkeiten mit einem kurzen Text verbessern. Letzte Woche habe ich bereits viele Fehler verbessert, aber ich weiß, dass ich mich noch immer verbessern kann. So werde ich Schritt für Schritt besser.

Häufige Fragen zu „verbeteren"

Ist „verbeteren" ein regelmäßiges oder unregelmäßiges Verb?

„verbeteren" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb und bedeutet „to improve to correct".

Wie wird „verbeteren" in der 3. Person Singular konjugiert?

Im Präsens: hij / zij verbeteert.

Wie lautet die Vergangenheitsform von „verbeteren"?

Verleden tijd: hij / zij verbeteerde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geverbeteerd.

Wird „verbeteren" mit „hebben" oder „zijn" gebildet?

Das Perfekt von „verbeteren" wird mit „hebben" gebildet: hij / zij heeft geverbeteerd.

Wo kann ich „verbeteren" üben?

Du kannst „verbeteren" kostenlos im ConjuExpert-Quiz üben — mit allen Zeitformen, in fünf Sprachen, ohne Anmeldung.

„verbeteren" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig