🇳🇱

moeten auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ⚡ unregelmäßig

moeten bedeutet „to have to" und ist ein unregelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

🎯 „moeten" jetzt im Quiz üben — kostenlos →

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikmoet
jijmoet
hij / zijmoet
wijmoeten
julliemoeten
zijmoeten

Verleden tijd

ikmoest
jijmoest
hij / zijmoest
wijmoesten
julliemoesten
zijmoesten

Toekomende tijd

ikzal moeten
jijzult moeten
hij / zijzal moeten
wijzullen moeten
julliezullen moeten
zijzullen moeten
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikmoet
jijmoet
hij / zijmoet
wijmoeten
julliemoeten
zijmoeten

Verleden tijd

ikmoest
jijmoest
hij / zijmoest
wijmoesten
julliemoesten
zijmoesten

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb gemoeten
jijhebt gemoeten
hij / zijheeft gemoeten
wijhebben gemoeten
julliehebben gemoeten
zijhebben gemoeten

Voltooid verleden tijd

ikhad gemoeten
jijhad gemoeten
hij / zijhad gemoeten
wijhadden gemoeten
julliehadden gemoeten
zijhadden gemoeten

Toekomende tijd

ikzal moeten
jijzult moeten
hij / zijzal moeten
wijzullen moeten
julliezullen moeten
zijzullen moeten

Aanvoegende wijs

ikmoete
jijmoete
hij / zijmoete
wijmoeten
julliemoeten
zijmoeten

Voorwaardelijke wijs

ikzou moeten
jijzou moeten
hij / zijzou moeten
wijzouden moeten
julliezouden moeten
zijzouden moeten

Gebiedende wijs

ik
jijmoet
hij / zijmoet
wijlaten we moeten
julliemoeten
zijmoet u

Onvoltooid deelwoord

ikmoetend
jijmoetend
hij / zijmoetend
wijmoetend
julliemoetend
zijmoetend

Beispielsätze mit „moeten"

Tegenwoordige tijd
  • Ik moet naar school gaan.Ich muss zur Schule gehen.
  • Jij moet je huiswerk maken.Du musst deine Hausaufgaben machen.
Verleden tijd
  • Hij moest gisteren werken.Er musste gestern arbeiten.
  • Wij moesten vroeg opstaan.Wir mussten früh aufstehen.
Toekomende tijd
  • Zij moet morgen haar vriend ontmoeten.Sie muss morgen ihren Freund treffen.
  • Jullie moeten volgende week studeren.Ihr müsst nächste Woche lernen.

Geschichte mit „moeten"

Sophie moest vandaag vroeg opstaan omdat ze een belangrijke presentatie had. Terwijl ze haar koffie maakte, dacht ze dat ze meer had moeten oefenen. Haar collega’s hadden haar gezegd dat ze zelfverzekerd moest zijn, maar de zenuwen gierden door haar lijf. Toen ze de trein naar kantoor nam, moest ze zich dwingen om rustig te blijven. Bij aankomst voelde ze dat ze het moest doen, ongeacht de angst. Uiteindelijk, na haar presentatie, besefte ze dat ze nooit had moeten twijfelen aan zichzelf.
Sophie musste heute früh aufstehen, weil sie eine wichtige Präsentation hatte. Während sie ihren Kaffee machte, dachte sie, dass sie mehr hätte üben müssen. Ihre Kollegen hatten ihr gesagt, dass sie selbstbewusst sein müsse, aber die Nerven zogen an ihrem Körper. Als sie den Zug ins Büro nahm, musste sie sich zwingen, ruhig zu bleiben. Bei ihrer Ankunft fühlte sie, dass sie es tun musste, egal wie viel Angst sie hatte. Schließlich, nach ihrer Präsentation, wurde ihr klar, dass sie niemals an sich selbst hätte zweifeln müssen.

„moeten" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig