🇳🇱

verzamelen auf Niederländisch konjugieren

Niederländisch ✓ regelmäßig

verzamelen bedeutet „to collect to gather" und ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb. Hier findest du alle Zeitformen, natürliche Beispielsätze und eine kurze Geschichte — perfekt zum Lernen und Merken.

„verzamelen" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb (Bedeutung: „to collect to gather"). Präsens: hij / zij verzameelt. Verleden tijd: hij / zij verzameelde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geverzameeld. Alle Formen von „verzamelen" online konjugieren und üben auf conjuexpert.app.

★ Mini-Quiz · ein Stück echte App
Sitzt verzamelen schon?
Tippe die richtige Form — du bekommst sofort Feedback, genau wie in der App.

Konjugationstabelle — die wichtigsten Zeitformen

Tegenwoordige tijd

ikverzameel
jijverzameelt
hij / zijverzameelt
wijverzamelen
jullieverzamelen
zijverzamelen

Verleden tijd

ikverzameelde
jijverzameelde
hij / zijverzameelde
wijverzameelden
jullieverzameelden
zijverzameelden

Toekomende tijd

ikzal verzamelen
jijzult verzamelen
hij / zijzal verzamelen
wijzullen verzamelen
julliezullen verzamelen
zijzullen verzamelen
Alle 9 Zeitformen anzeigen

Tegenwoordige tijd

ikverzameel
jijverzameelt
hij / zijverzameelt
wijverzamelen
jullieverzamelen
zijverzamelen

Verleden tijd

ikverzameelde
jijverzameelde
hij / zijverzameelde
wijverzameelden
jullieverzameelden
zijverzameelden

Voltooid tegenwoordige tijd

ikheb geverzameeld
jijhebt geverzameeld
hij / zijheeft geverzameeld
wijhebben geverzameeld
julliehebben geverzameeld
zijhebben geverzameeld

Voltooid verleden tijd

ikhad geverzameeld
jijhad geverzameeld
hij / zijhad geverzameeld
wijhadden geverzameeld
julliehadden geverzameeld
zijhadden geverzameeld

Toekomende tijd

ikzal verzamelen
jijzult verzamelen
hij / zijzal verzamelen
wijzullen verzamelen
julliezullen verzamelen
zijzullen verzamelen

Aanvoegende wijs

ikverzameele
jijverzameele
hij / zijverzameele
wijverzamelen
jullieverzamelen
zijverzamelen

Voorwaardelijke wijs

ikzou verzamelen
jijzou verzamelen
hij / zijzou verzamelen
wijzouden verzamelen
julliezouden verzamelen
zijzouden verzamelen

Gebiedende wijs

ik
jijverzameel
hij / zijverzameel
wijlaten we verzamelen
jullieverzameelt
zijverzameelt u

Onvoltooid deelwoord

ikverzamelend
jijverzamelend
hij / zijverzamelend
wijverzamelend
jullieverzamelend
zijverzamelend

Beispielsätze mit „verzamelen"

Tegenwoordige tijd
  • Ik verzamel postzegels uit verschillende landen.Ich sammle Briefmarken aus verschiedenen Ländern.
  • Zij verzamelen bloemen in het park.Sie sammeln Blumen im Park.
Verleden tijd
  • Wij verzamelden oude munten voor onze collectie.Wir sammelten alte Münzen für unsere Sammlung.
  • Hij verzamelde boeken toen hij jong was.Er sammelte Bücher, als er jung war.
Toekomende tijd
  • Ik zal volgende week stenen verzamelen.Ich werde nächste Woche Steine sammeln.
  • Zij zullen zaden verzamelen voor het project.Sie werden Samen für das Projekt sammeln.

Geschichte mit „verzamelen"

Elke zaterdag gaat Anna naar het park om bladeren te verzamelen. Vorige week heeft ze al een grote stapel verzameld voor haar kunstproject. Vandaag verzamelt ze vooral de felgekleurde bladeren die net gevallen zijn. Ze weet dat ze volgende maand nog meer bladeren zal moeten verzamelen voor haar tentoonstelling. Het plezier van bladeren verzamelen maakt haar elke keer blij, omdat ze zo dichter bij de natuur komt.
Jeden Samstag geht Anna in den Park, um Blätter zu sammeln. Letzte Woche hat sie schon einen großen Stapel für ihr Kunstprojekt gesammelt. Heute sammelt sie vor allem die buntgefärbten Blätter, die gerade gefallen sind. Sie weiß, dass sie nächsten Monat noch mehr Blätter für ihre Ausstellung sammeln muss. Die Freude am Blätter sammeln macht sie jedes Mal glücklich, weil sie so der Natur näherkommt.

Häufige Fragen zu „verzamelen"

Ist „verzamelen" ein regelmäßiges oder unregelmäßiges Verb?

„verzamelen" ist ein regelmäßiges Nederlands-Verb und bedeutet „to collect to gather".

Wie wird „verzamelen" in der 3. Person Singular konjugiert?

Im Präsens: hij / zij verzameelt.

Wie lautet die Vergangenheitsform von „verzamelen"?

Verleden tijd: hij / zij verzameelde. Voltooid tegenwoordige tijd: hij / zij heeft geverzameeld.

Wird „verzamelen" mit „hebben" oder „zijn" gebildet?

Das Perfekt von „verzamelen" wird mit „hebben" gebildet: hij / zij heeft geverzameeld.

Wo kann ich „verzamelen" üben?

Du kannst „verzamelen" kostenlos im ConjuExpert-Quiz üben — mit allen Zeitformen, in fünf Sprachen, ohne Anmeldung.

„verzamelen" direkt im Quiz üben

Alle 5 Sprachen · alle Zeitformen · KI-Beispielsätze · kostenlos starten

ConjuExpert öffnen → Kein Download · keine Anmeldung nötig